De kanarie in de mijn

Kanaries zijn heel gevoelige vogels. Vroeger namen mijnwerkers een kanarie op hun schouder mee de mijn in. Al bij kleine hoeveelheden van de levensgevaarlijke gassen die soms vrijkwamen legden de kanaries het loodje. Ruim voordat de mijnwerkers er problemen van ondervonden, zodat zij op tijd de mijn konden verlaten.

Kanaries lieten op die manier zien dat er een probleem was in de omgeving. Helaas betaalden ze daarvoor een enorm hoge prijs.

Sinds ik opgekrabbeld ben uit mijn burn-out (voor zover dat echt kan, maar dat terzijde), zie ik een vergelijking tussen mijn gevoeligheid en deze kanaries.

Ik zie die gevoeligheid ook bij de kinderen die ik in mijn praktijk en verrijkingsgroepen zie. Alsof zij ons waarschuwen voor een systeem, een omgeving die ‘giftig’ is. Deze kinderen reageren eerder dan de meeste anderen op prikkels; geuren, geluiden, gevoelens, sfeer. Alsof hun antennes gevoeliger zijn afgesteld. Zij reageren op prikkels, voordat anderen die überhaupt hebben waargenomen.

Je herkent misschien wel dat je kind “opeens” heel erg boos is? Dat hij kan ontploffen om het minste of geringste? Dat het lijkt alsof dat vanuit het niets komt?

Vaak komt het voort uit een opstapeling van voorvallen en prikkels (naast dat de uitbarsting tot een ‘veilig’ moment wordt ingehouden, oftewel: thuis). Maar wellicht begint het stapelen al veel eerder dan jij -en wellicht ook je kind- door hebt, waardoor jullie eventuele waarschuwingssignalen missen.

Emoties bespreken kan je kind daarbij helpen. Bespreek waar je in je lijf voelt dat je blij, boos, bedroefd of bang bent. Mij valt vaak op dat deze kinderen hun hoofd als voornaamste plek noemen. Kwestie van oefenen. “Uit je hoofd, in je lijf”. Tijdens of na het ervaren van deze emotie vragen waar hij dat voelde. Of, in het begin, zelf benoemen waar jij voelt dat je boos, bang, bedroefd of blij bent. Een proces van bewustwording!