Aanpassingsvermogen: kwaliteit of valkuil?

Hier volgt eerst een kalendermomentje. Daaronder het blog van deze week!

  • Woensdag 3 februari: De natuur in met Jente, van 10.00-12.00 in de Broekpolder. Voor (vermoedelijk) hoogbegaafde kinderen tot 10 jaar. Ik heb nog 3 plekjes, aanmelden kan hier of door op deze mail te reageren(€30)!
  • Donderdag 4 februari: Peerminar voor ouders van (vermoedelijk) hoogbegaafde kinderen in de basisschoolleeftijd. Online bijeenkomst met max. 10 ouders, waarin ik kennis deel, maar de nadruk ligt op elkaar ontmoeten en ervaringen & tips uitwisselen. Er zijn nog 5 plekjes vrij, meld je hier aan of stuur me een mailtje (€10)!
  • Zaterdag 6 februari: De natuur in met Jente, van 10.00-12.00 in de Broekpolder. Voor (vermoedelijk) hoogbegaafde kinderen tot 10 jaar. Ik heb nog 1 plekje, aanmelden kan hier of door op deze mail te reageren(€30)!

*einde kalendermoment. Ik hoop jou en/of je kind binnenkort te kunnen verwelkomen!*

Als ik me aanpas aan wat ik denk dat anderen willen dat ik doe, doe ik niet wat ik wil dat ik doe.
Als ik me aanpas aan wat ik denk dat anderen willen dat ik ben, ben ik niet wie ik wil zijn.

Als ik niet ben wie ik ben en doe wat ik wil doen, vind ik aansluiting bij mensen die passen bij wat ik op dat moment doe en wie ik op dat moment ben. Wat dus eigenlijk niet datgene en diegene is wat en wie ik eigenlijk ben (en graag wil zijn).

Waarom doe ik dat? Vanuit angst? Erbij willen horen? Om niet leuk gevonden te worden? Bang om alleen over te blijven?

Maar als ik wel mezelf ben, dan zullen er toch ook wel mensen zijn die op mij lijken? Die ook leuk vinden wat ik leuk vind? Die ook doen wat ik doe? Die ook zijn zoals ik ben? Dezelfde humor hebben, dezelfde interesses delen, hetzelfde soort vragen stellen?

Wat nu als iedereen die zich aanpast uit angst om alleen te zijn, zich juist dáárom eenzaam voelt? Omdat je geen contact hebt vanuit jezelf, maar vanuit iets wat je gecreëerd hebt? Omdat je langs elkaar heen leeft en elkaar niet zult ontmoeten op de interesses die je deelt, omdat je die verbloemt?

Zoals ik het met één van mijn kinderen besprak: wat nu als je een cavia bent, op een school voor konijnen. Dan zet je je nepkonijnenoren op. En die draag je zo overtuigend, dat andere cavia’s die ook nepkonijnenoren op hebben, niet eens zien dat je eigenlijk óók een cavia bent. Zo leef je langs elkaar heen in je konijnenwereld. En ze verzuchtte: “Ik zou zó graag mijn konijnenoren afzetten..”

Draagt jouw kind wel eens konijnenoren? En jij?